Het schrijven van een levensverhaal lijkt op het puzzelen van een legpuzzel; het begint met losse stukjes en het eindigt als een samenhangend geheel.
Bij een legpuzzel begin ik met het sorteren van de stukjes op onderwerp. Door de print is vaak wel duidelijk waar ze bij horen, maar dan is het nog een hele kunst om ze op de juiste plek te krijgen. Draaien, proberen, verleggen… Langzaam komen de verschillende onderwerpen tevoorschijn. De stukjes waarvan ik niet weet waar ze bij horen, leg ik eerst aan de kant. Hoe langer ik met een puzzel bezig ben, hoe beter ik de stukjes ga herkennen en hoe makkelijker het wordt. Op een gegeven moment wordt het geheel steeds duidelijker en uiteindelijk blijken die vreemde stukjes ook een logisch plekje te hebben.
Zo is het ook met het schrijven van een levensverhaal.
Ieder verhaal is prachtig, maar een verhaal wat mooi wordt verteld is niet hetzelfde als een verhaal dat lekker leest. Sommige mensen vertellen hun verhaal heel gestructureerd, alsof de losse stukjes al op onderwerp bij elkaar liggen. Maar anderen praten van de hak op de tak en halen er van alles bij. Dan liggen alle stukjes door elkaar en zijn er zelfs stukjes van een andere puzzel bij. Ook het aantal stukjes verschilt; soms zijn de verhalen kort, zeg 100 stukjes, maar andere mensen vertellen heel veel, dat zijn dan puzzels van 500, 1000 of zelfs 2000 stukjes.
Voor een mooi, samenhangend levensverhaal moet er dus gepuzzeld worden.
Eerst typ ik het opgenomen verhaal uit, alsof ik alle puzzelstukjes met de print naar boven leg. Dan leg ik de stukjes op onderwerp en zet ze in elkaar. Dat is puzzelen met woorden en zinnen; draaien, proberen en verleggen totdat het echt goed past en lekker leest. Als een onderwerp mooi en duidelijk is beschreven moet het nog op logische plek in de gehele tekst. Hoe langer ik er mee bezig ben, hoe meer gevoel ik voor de tekst krijg en hoe makkelijker het wordt. Aan het eind kijk ik wat ik met de vreemde stukjes kan doen; passen ze er nog tussen of zijn ze van een andere puzzel?
Het verschil tussen het levensverhaal en een puzzel is dat een levensverhaal nooit helemaal af kan zijn.
De verteller leeft tenslotte nog en er kunnen nog stukjes bij komen. Ook is geen enkel onderwerp (herinnering) compleet, want er zijn in de loop van de jaren altijd stukjes kwijt geraakt.
Wat ik doe als ik de laatste stukjes niet kan vinden? Als iemand iets is vergeten of het niet wil vertellen? Dan laat ik dat open. Niemand is perfect, dus ook hun levensverhaal niet. Misschien komt er later nog een stukje tevoorschijn of is er iemand anders die het vindt.
Mijn streven is dan ook niet om de puzzel compleet te krijgen, maar om van de herinneringen een mooi, samenhangend en leesbaar geheel te maken.
Reactie plaatsen
Reacties